dinsdag, juli 07, 2015
Grexit (Greece exit)

De wereldwijde financiële crisis leidde ook tot een crisis van de eurozone . Zowel n de euro constructie tekortkomingen en als de mislukkingen van het nationale beleid hebben een rol gespeeld. Het laatste duidelijkste voorbeeld is Griekenland. Door de crisis zijn landen als Griekenland het zwaarst getroffen .

Externe factoren van het ontstaan van de Griekse crisis

Veel West-Europese banken waaronder Duitse en Nederlandse hebben (of hadden) dochterondernemingen in Griekenland. Doordat zij zich ook bewust werden van risico’s op de financiële markt besloten zij een andere koers te varen; eerst een eigen gezonde financiële situatie. Immers, extra risico behouden op dit moment zou onverstandig zijn en kunnen zorgen voor grotere problemen. Ze trokken lopende leningen in en hierdoor zagen landen buiten Europa de Griekse banken als hulpeloos en een risicovolle investering. Het vertrouwen nam sterk af en Griekenland zat opeens in de gevarenzone. De Europese banken kondigden aan dat zij nooit gedacht hadden dat Griekenland zo snel in de problemen zou komen bij het intrekken van de leningen. Een aantal Economen verweet de Europese banken echter dat zij op het moment van intrekken van de lopende leningen wel degelijk wisten wat het gevolg voor Griekenland zou betekenen in Economische zin.
Door de vervlechting van de wereldwijde economie konden de obligaties gebaseerd op verkeerde hypotheken gemakkelijk van de Verenigde Staten naar de rest van de wereld overslaan. Toen de obligaties in handen van West-Europese banken kwamen vertrok vanzelfsprekend een gedeelte van die obligaties richting Zuid en Oost-Europa waar dochterondernemingen van de West-Europese banken gevestigd waren. Europa werd zich bewust van de risico’s en het vertrouwen nam sterk af. Dochterondernemingen werden losgekoppeld en in veel Zuid-Europese landen ontstonden zo economische problemen.
Dit is hoe verschillende externe factoren hebben bijgedragen aan de economische malaise van Griekenland. Intern gebied moet echter niet vergeten worden aangezien een crisis nooit ontstaat vanuit puur externe factoren. Het is van belang bij het ontstaan van de Griekse crisis om te kijken naar verschillende factoren om zo een compleet beeld van de omvang van die crisis te vormen.

Interne factoren van het ontstaan van de Griekse crisis

De oude en recente economische cijfers van Griekenland
Op basis van de grafiek in dit artikel die het bruto binnenlands product van Griekenland (GDP), de inflatie en het CAB (het verschil tussen import en export van een land) vanaf 1991 tot en met 2011 laat zien, blijken meerdere dingen: Griekenland heeft in een periode van slechts tien jaar (1991-2000) zijn inflatie tot een aanvaardbaar percentage (voor de toetreding tot de Eurozone) gereduceerd. Ook zien we dat het CAB pas na toetreding tot de Eurozone daalt, wat betekent dat Griekenland vanaf 2001 meer is gaan importeren dan exporteren. De toetreding tot de Eurozone heeft voor Griekenland zelf dus veel voordelen opgeleverd, maar voor de Euro landen zelf veranderde er vrijwel niets, Griekenland is namelijk niet meer gaan exporteren sinds haar toetreding. Wat een land als Griekenland heeft te bieden op het gebied van export, is een vraag die vooral buiten Europa speelt en ook op andere landen van betrekking is.

Als laatste moet opgemerkt worden dat het bruto binnenlands product in principe wel een vaste groei kent (tot aan 2007/2008). Het bruto binnenlands product betreft alle inkomsten in een land en is om die reden belangrijk omdat economische ontwikkeling (per sector) in een land gemakkelijk af te leiden valt door het BBP te bepalen en te vergelijken met voorgaande jaren. De vaste groei in Griekenland liep tot aan 2007 hoger dan het gemiddelde groeipeil in de EU, wat het interessant maakte om Griekenland aan de Eurozone toe te voegen. Een (vrij ontwikkeld) land dat jarenlang bovengemiddeld economische groei noteert klinkt al snel een veilige handelspartner. Vanaf 2008 daalt het BBP echter sneller dan in de rest van de EU. Verklaringen hiervoor zouden onder andere te vinden kunnen zijn bij de export: Door de afname van de export (en toename van de import) is het uiteraard logisch dat Griekse bedrijven zich op de eigen bevolking richten om inkomsten te behouden. Een gedeelte van de bevolking met een hoog inkomen behoudt zijn oorspronkelijke koopkracht, maar aangezien het merendeel van de bevolking echter niet ontzettend welvarend is en de werkloosheid stijgt, daalt de productie in verhouding sneller dan in de rest van Europa. Dit komt in de rest van Europa ook voor, maar de effecten hiervan zijn in Griekenland duidelijker en eerder merkbaar. Dit komt voornamelijk doordat de inkomenskloof groter is dan in de Noordelijke Europese staten als gevolg van een minder progressief (hogere inkomens betalen meer dan lagere inkomens, naar draagkracht) belastingstelsel

Fraude en de gevolgen

In de gehele geschiedenis van de Europese Unie is er nog nooit een fraudezaak van deze omvang gedetecteerd. Het politiek samenwerkingsverband van de Europese Unie (en de Eurozone) is voornamelijk op onderling vertrouwen gebaseerd en veel politici zagen dit dus als iets schokkends. Als Griekenland op deze manier in de Eurozone is gekomen, zouden andere inmiddels toegetreden landen dan hetzelfde hebben gedaan? Het onvermijdelijke gevolg was dat het vertrouwen zowel in Griekenland als in de gehele Europese Unie afnam, wat een grote factor was voor het ontstaan van de Griekse crisis.
Naast fraude van de regering moet ook opgemerkt worden dat de Griekse burgers op het gebied van fraude en belasting ontduiken veel hoger scoren dan andere Euro landen waardoor Griekenland het laagst van alle Euro landen staat op basis van effectiviteit van de economie. Hiernaast een grafiek waarin de schuld van Griekenland staat die is ontstaan als gevolg van de fraude en het gebrek aan controle hierop.
Motieven
De meeste (of grootste) belasting ontduikers bevonden zich vooral in de hogere economische klassen. Zij hadden vaak hoge politieke functies en weigerden zichzelf financieel te benadelen door een nieuw belastingsysteem op te zetten. Zelfzucht is een slechte eigenschap en helaas veelvoorkomend in Griekenland blijkt uit cijfers van onder andere het World Economic Forum.Het is echter ook enigszins te verklaren. Waarom zou iemand zichzelf financieel benadelen wanneer hij toch niet als schuldige aangewezen kan worden omdat cijfers een geheel andere weergave geven van de economische situatie? Er zijn maar weinig mensen die de gevolgen op een dergelijk moment overzien en kiezen om het juiste te doen. Omdat overheidsinstanties elkaar steunen in de corruptie door transparantie van belasting ontduiken en uitgaven te vervagen, konden politici, academici en doctoren ongestoord doorgaan met belasting ontduiken.

Problemen met de economie

Bedrijfsklimaat en concurrentie
Terugkomend op de export van Griekenland is dus gebleken dat deze enorm is afgenomen ten opzichte van de import. Griekenland kan niet goed concurreren met de andere Europese landen omdat zij nog steeds hoge prijzen rekenen voor bijvoorbeeld opslag en arbeid, daarnaast hebben zij een hogere inflatie ten opzichte van de rest van Europa (vanaf ongeveer 2007 tot en met 2010). Dit zorgt ervoor dat de salarissen van werknemers moeten stijgen of dat er werknemers weg moeten (om enerzijds koopkracht te behouden en anderzijds bedrijfswinsten te behouden).Gevolg hiervan is weer dat productie niet optimaal benut kan worden en Griekenland zichzelf uit de markt prijst. Andere opkomende landen anticiperen veel beter op de concurrentie en blijven zo in de markt. De Grieken hebben op dit gebied jarenlang niks uitgevoerd en dit heeft bijgedragen aan een slecht economisch klimaat. Ook is gebleken dat het bedrijfsklimaat, dus de gemakkelijkheid waarmee bedrijven zich kunnen vestigen en de bedrijfsvoering, ongunstig in Griekenland, voornamelijk door de slechte werking van het ambtenarenapparaat en de bureaucratie

Arbeidsparticipatie
Als laatste moet niet vergeten worden dat Griekenland op sociaal gebied kampt met een vergrijzende bevolking. Dit probleem kent de rest van Europa uiteraard ook, maar de pensioenleeftijd in Griekenland lag in 2010 op 57 jaar, waardoor de arbeidsparticipatie in Griekenland rond de 60 % schommelt.Dit is erg laag en de Griekse regering kampt op dit gebied met veel uitgaven. Volgens Eurostat (2010) neemt de bevolking vanaf 2020 af en zou het aandeel ouderen (+64) verdubbeld zijn in 2050 tot 57,5 %. Om de economie draaiende te houden is dit uiteraard een grote klap voor de arbeidsparticipatie.

Actuele Griekse problemen (2015)

De mogelijkheid van een Grexit
Rond het einde van 2014 en begin van 2015 rijst de mogelijkheid van een Grexit: de exit van Griekenland uit de Eurozone of de gehele EU. De overwinning van de Links-radicale partij Syriza in 2015 deed de verhoudingen tussen Europa en Griekenland geen goed. De partij is streng anti-Europees en wil zo min mogelijk concessies doen in ruil voor financiële steun.
De vraag is echter of deze scherpe tegenstelling kan leiden tot een daadwerkelijke Grexit. Sommigen professoren en economen spreken van een mogelijkheid, anderen doen het af als stemmingmakerij.
Na de overwinning van Syriza herhaalde Tsipras (de nieuwe Griekse premier) zijn plannen: een herziening van het huidig noodplan en een einde maken aan bezuinigingen van Griekenland die in navolging van dit plan werden bedacht.
De Griekse minister van Financiën Yanis Varoufakis deelde uiteraard Tsipras' mening: hij weigerde in gesprek te gaan met verschillende Europese instellingen om druk te zetten achter de plannen die Syriza had. Als reactie hierop besloten alle ministers van Financiën van de EU-landen, onder leiding van Jeroen Dijsselbloem, via gesprekken met Griekenland tot een oplossing te komen. Dit resulteerde in heftige gesprekken waarin alle partijen niet toegaven.
De oplossing is dus nog lang niet gevonden en het geld in Griekenland (ook van de regering) raakt snel op. De onrust in Griekenland neemt enorm toe naar aanleiding van het falen van de gesprekken en burgers beginnen aan een bankrun op kleine schaal. Dit kan op den duur leiden tot een Grexit, hoewel Syriza zelf heeft aangegeven hier niet op uit te zijn: zij willen dat alle partijen eruit komen en Griekenland op de lange termijn stabiliteit kent. Natuurlijk is het een lastige kwestie of Griekenland überhaupt tot stabiliteit kan komen. De grafiek hiernaast toont dat de Griekse bank voor een groot deel afhankelijk is van het ECB waarvan beëindiging een grote opgave blijkt te zijn.

De gevolgen van een Grexit
De volgende vraag die menig econoom zich stelt is wat de mogelijke gevolgen zijn van een Grexit. Een aantal gevolgen zijn duidelijk: Griekenland zal bij het verlaten de Griekse Drachme invoeren die overeenkomstig gedevalueerd wordt. Dit leidt er natuurlijk toe dat Griekenland zijn schulden (bestaande uit alle leningen) niet kan betalen en de Euro landen hun geld op korte termijn niet terug kunnen zien.
Daarnaast zijn sommige economen en ministers nog steeds bevreesd voor het 'domino-effect'. In 2012 sprak men al over dit effect en de catastrofale gevolgen voor de EU waarin vrijwel alle zuidelijke lidstaten om zouden vallen als Griekenland zijn schulden niet meer kon betalen.
In 2015 is de situatie enigszins gewijzigd: enkele economen menen dat het (traag) economisch herstel in de EU en de andere zuidelijke lidstaten ervoor heeft gezorgd dat een Grexit minder desastreuze gevolgen voor de EU zou hebben. Dit is echter lastig te beoordelen omdat de zuidelijke lidstaten weliswaar positieve cijfers laten zien, maar zich nog steeds in zeer fragiele toestand bevinden.
Daarnaast speelt het geopolitiek sentiment op: Als de Europese Unie de problemen van Griekenland niet weet op te lossen, staat Rusland ervoor open om Griekenland financieel te steunen. Een pact tussen Griekenland en Rusland laat zien dat de blokkade van Europa ten opzichte van Rusland weinig voorstelt en betekent voor Rusland en Griekenland een belangrijke partner.
Als laatste laat een Grexit volgens sommige EU-critici zien dat de EU niet in staat is om een klein probleem op te lossen: Griekenland is een economisch kleine staat in de EU en na jarenlang gezever met leningen is de EU niet in staat geweest het land uit de problemen te helpen en is het failliet gegaan. Dat toont volgens sommige critici de onkunde van het Europees politiek-economisch bestel.

Er kan gezegd worden dat de vertrouwenskwestie omtrent Griekenland zorgde voor een kettingreactie in de Europese Unie. Zuid Europa stond (voornamelijk in de media) al jarenlang bekend als een gebied waar de bevolking niets moest hebben van belasting betalen, maar dat regeringen eenzelfde soort strategie hanteerden verwachtte men niet. Dit is echter niet vreemd, politici zouden zichzelf financieel benadelen wanneer zij de gangbare EU richtlijnen zouden gaan volgen en kozen ervoor dit niet te doen. Daarnaast is er sprake van een structureel achterlopen van de Griekse economie ten opzichte van het buitenland. Dit valt te zien aan de cijfers van de export maar ook bijvoorbeeld bij het bedrijfsklimaat en de arbeidsparticipatie.

Bron:Interate AB o.v.v. InfoNu



















Etiketten: werkloosheid, begrotingstekort, overheidsschuld, economische groei, belastingontduiking

Geeft u het eerste commentaar!
Wanneer u het artikel bevalt, deel het
comments powered by Disqus
landkeuze geannuleerd Kies een land!
zoeken geannuleerd zoek alles!
Aanmelden
Vergeten wachtwoord